Het visum van Langenberg

Na zo’n immens artikel als dat over Wouter Withagen in Amerika van eerder dit jaar, had ik wel verwacht dat er nog aanvullingen zouden komen. Een hele mooie kreeg ik van mevrouw Rita Jonkers, de kleindochter van Johannes Walterus Langenberg, een van Wouters companen op zijn eerste tocht naar de VS. Zij heeft zijn visum nog; afgegeven in 1920 door consul Jan Steketee van het Nederlands consulaat in Grand Rapids, Michigan. Prachtig!

Uw bijdrage om de geschiedenis levend te houden

Al sinds 2014 schrijf ik over mensen van vroeger. Van mijn eigen voorouders tot die van anderen, van soldaten van Napoleon tot die in Nederlands-Indië, van Bergen op Zoom tot Zuid-Limburg. Ik zoek de achtergrond van mensen, ik wil zoveel mogelijk hun verhaal vertellen in de context van de tijd waarin zij leefden. En dit moet allemaal openbaar. Het is onze geschiedenis, iedereen heeft er recht op. Het is ook niet persé iets voor mij om er iets voor te vragen. Maar het kost heel veel tijd. En de rekeningen voor de website zijn ook niet niks. Dus… nieuw op mijn website: de doneerknop. Hoeft niet, mag wel!

Geert en Janske

Vorige maand had ik mailcontact met een Bergs-Finse genealoog, Frans Burger. Het ging over Indië en Napoleon, maar terloops kwamen ook voorouders van hem ter sprake: Gerardus (Geert) Jacobs (*Halsteren, 1851, ✞ Bergen op Zoom, 1940) en Johanna (Janske) van den Boom (*Halsteren, 1855, ✞ Bergen op Zoom, 1943). Het verhaal van Geert en Janske is exemplarisch voor wat ik probeer te bereiken met deze website, en deel ik daarom graag met jullie. Datums en feiten, die vind ik interessant. Maar het is niet waar het om gaat. Het gaat om levensverhalen, dialecten, karakters: alles wat ervoor zorgt dat ook de mensen die langer geleden heengingen niet vergeten worden. 

Frans schrijft:

“Geert en Janske woonden in het huis wijk L, nummer 21 te Halsteren. In 1879 verhuisden ze naar Wouw. In 1923 verhuisden ze van Wouw naar de Lepelstraat. Familie van Geert liet hun geld na aan de kerk van Lepelstraat. Dit tot zeer groot ongenoegen van Geert, die gehoopt had om het op een dag zelf te krijgen. Vandaar dat hij een behoorlijke hekel had aan de pastoor van Lepelstraat. Hij zei ook vaak: “De kerk van Lepelstraat, die is van mij!”. Hij had de gewoonte om tijdens de preek in de kerk hardop commentaar te leveren op wat de pastoor zei. Tot groot genoegen van de kinderen van de Lepelstraat. Ook had hij de gewoonte om als hij het niet eens was met bepaalde zaken op de Lepelstraat dit op briefjes te schrijven en voor het raam van z’n woning te plakken. Vandaar dat tegen de kinderen op school werd gezegd, dat ze na schooltijd niet langs het huis van Geert Jacobs mochten gaan. Want de kinderen vonden het prachtig om zijn commentaren te lezen. Ko Meesters, die later met Lies Jacobs zou trouwen, bevestigde de verhalen. Hij woonde in die tijd als kind op de Lepelstraat. Toen mijn moeder nog klein was liepen ze met hun vader van Borgvliet naar de Lepelstraat om hun opa en oma te bezoeken. En dezelfde dag nog terug, want het het huis was te klein om te blijven slapen.”

Opvallend: ik ken meerdere verhalen van Lepelstraat over onderling conflict. Laten we het houden op enigzins dramatische maar erg met de gemeenschap begane inwoners. Frans’ moeder vertelde ook over hoe Janske altijd haar muts op had, en Geert oorbelletjes in. Hip! Een broer van Janske, Jacobus van den Boom, had de boerderij op de Klavervelden die later de Jeugdherberg zou worden. 

“Later kocht die Jacobus een huis in Stabroek. Om te rentenieren was het goedkoper om in België te wonen. Mijn oma Jacobs ging er wel eens op bezoek met de kinderen. Daarvoor had je een paspoort nodig. Dat was toen niet zo goedkoop. Het gebeurde wel eens dat er vrouwkes van Borgvliet naar mijn oma kwamen om haar paspoort te lenen als ze naar België gingen!”

Hebben jullie voorouders in de buurt, een mooi verhaal over hen, maar geen eigen website, laat het mij dan weten. Ik maak altijd graag ruimte hier om de herinnering vast te leggen!